Taal maakt wiskunde tot hersenbreker in vmbo

Door Marco Krijnsen

ENSCHEDE/GRONINGEN - De stop in het bad, het is een onbekend woord. Het is de taal die wiskunde voor vmbo-leerlingen tot een moeilijk vak maakt. Wiskundeboeken zijn te moeilijk voor taalzwakke vmbo-leerlingen. Veel methodes gebruiken begrippen die niet of nauwelijks bekend zijn bij jongeren. Daarom hebben deze leerlingen vaak moeite de teksten in hun wiskundeboek te begrijpen.

Dat concludeert oud-Enschedese Joanneke Prenger in haar proefschrift "Taal telt!" waarop ze binnenkort hoopt te promoveren aan de RijksUniversiteit Groningen. Prenger deed onderzoek op verschillende vmbo- scholen in het land. Ze voerde gesprekken met kinderen, liet ze toetsen maken en analyseerde een veelgebruikte wiskundemethode.

Prenger constateert dat de auteurs van wiskundeboeken weinig rekening houden met de kennis van vmbo-leerlingen. Woorden als populier en vaargeul zijn voor deze doelgroep te hoog gegrepen, blijkt uit het onderzoek. Vooral allochtone leerlingen in de tweede klas van het vmbo presteren daardoor bij wiskunde minder. "Illustratief is de opgave over René die de stop uit het bad haalt. Leerlingen kennen het woord stop niet. Ze denken dat bedoeld wordt: de kraan stopt. En dus kiezen ze het verkeerde antwoord in de grafiek."

Volgens Prenger is er in de wiskundeles structureel te weinig aandacht voor taal. Docenten zouden in de klas vaker stil moeten staan bij moeilijke woorden en het tekstbegrip van leerlingen, omdat het vak de afgelopen decennia steeds taliger is geworden. 'Leraren zullen waarschijnlijk zeggen dat ze daar geen tijd voor hebben. Maar je kunt je afvragen of je per se het hele wiskundeboek moet doornemen, terwijl een groot deel van de leerlingen afhaakt. Dan kun je beter minder doen, zodat iedereen het begrijpt.'

Het onderzoek toont ook aan dat vmbo-leerlingen hun antwoorden formuleren in dagelijks taalgebruik. Dat levert nogal eens onduidelijke antwoorden op. In hun bewoordingen stijgt de grafiek bijvoorbeeld niet maar gaat deze omhoog. Prenger: "Leraren keuren dat goed, om op zich begrijpelijke redenen. Maar eigenlijk zouden ze leerlingen bij moeten brengen dat de grafiek stijgt. Als je meer taalbegrippen bijbrengt, wordt wiskunde ook begrijpelijker."

De promovenda pleit daarnaast voor meer taalkundige experts in de schrijversteams van wiskundeboeken, om de vmbo-methodes toegankelijker te maken.

 
De Twentsche Courant Tubantia | 16-11-2005 | Voorpagina
Copyright © 2005 De Twentsche Courant Tubantia - alle rechten voorbehouden